De technische werking van trillingsmetingen

Het meten en monitoren van trillingen in de bouw en infrastructuur is een belangrijke bezigheid. Accurate metingen voorkomen eventuele schade aan gebouwen en zorgen ervoor dat mensen die in de buurt van bouwplaatsen wonen of werken gewoon hun dagelijkse gang kunnen gaan.

Maar hoe voer je een goede trillingsmeting uit? En hoe zit het met de technische kant van het interessante vakgebied dat trillingsmonitoring is? In dit blogartikel vertellen we je meer over de technische werking van trillingsmetingen.

Wat is een trilling?

Voordat we dieper ingaan op de technische werking van trillingsmeting, is het wel handig om even te kijken wat je precies meet. Wat zijn de parameters die bepalen of iets een trilling is en hoe herken je die? In principe meet je slechts twee parameters:

  • De amplitude (topwaarde van een trilling): hoeveel beweegt iets? Deze waarde kun je meten door te kijken naar versnelling, snelheid of verplaatsing. Bij verplaatsing gaat het vaak om extreem kleine waardes van enkele micrometers per seconde, terwijl je versnelling meet in centimeters per seconde. Versnelling meet je met versnellingsmeters, terwijl je de snelheid nauwkeurig meet met een trillingsmeter als de SWARM. Vroeger had je daar geofoons voor nodig, maar die zijn tegenwoordig niet meer nodig.
  • Frequentie: hoe vaak gaat iets op en neer binnen een seconde? Frequenties worden gemeten in hertz (Hz) of het aantal omwentelingen per minuut (toerental).

De voorbereiding

Als je vroeger een trillingsmeting wilde uitvoeren, moest je een hele hoop doen voordat je überhaupt kon beginnen met meten. Je moest grote haspels in- en uitladen, flinke computers in de bus zetten en grote batterijen meenemen. Met een modern meetsysteem zoals Omnidots is het logistiek allemaal een stuk eenvoudiger. Meer dan een (compacte) batterij, trillingsmeter en eventuele andere accessoires heb je niet nodig.

Check allereerst of je batterij goed opgeladen is. Druk op een knopje op de batterij en controleer of je voldoende groene lampjes te zien krijgt. Dit lijkt natuurlijk een no-brainer, maar je zou niet de eerste zijn die met een half of slecht opgeladen batterij op de bouwplek verschijnt.

Na het controleren van de batterijstatus sluit je de meter aan en controleer je of het systeem netjes meet. Ook dit wordt aangegeven door een bevestigend groen lampje op de SWARM. Meet je in het kader van de hinder voor personen in gebouwen en meet je daarom op de vloer, in plaats van aan een muur? Schroef dan de Omnidots Base Plate onder je meter. Meet je op tapijt? Dan gebruik je zogenoemde spikes, vooral omdat je echt de trillingen van de vloer moet meten. Op een laminaatvloer gebruik je bolle pootjes en moet je soms nog wat extra gewicht op de vloer plaatsen om te voorkomen dat je meter gaat ‘dansen’. De spikes en bolle pootjes worden allebei meegeleverd met de Omnidots Base Plate.

Vastleggen van de situatie

Breng vervolgens de actuele situatie op de meetlocatie goed in kaart. Dat doe je door foto’s te maken van:

  • het pand en de bouwplaats;
  • de situatie zelf (denk aan een passerende vrachtwagen die acute trillingen veroorzaakt);
  • de ruimte waarin gemeten wordt;
  • het apparaat en de opstelling waarmee je de meting uitvoert.

Grenswaarden en alarmeringen instellingen

Na een gedegen voorbereiding en het installeren van je trillingsmeter is het tijd om daadwerkelijk te gaan meten. Hoe gaat dit in zijn werk als je de Omnidots-totaaloplossing gebruikt? Log eerst met je gebruikersnaam en wachtwoord in op het Honeycomb-webplatform. Hier zie je een overzicht van al je lopende meetprojecten.

Begin je aan een meting? Maak dan een nieuw project aan en geef dit een unieke naam. Vervolgens kun je aan de slag met je instellingen. Een belangrijk onderdeel zijn de alarminstellingen. In Honeycomb stel je eenvoudig een boven- en ondergrens in. Worden die waardes bereikt of overschreden? Dan krijg je automatisch een alarm. Je kunt bijvoorbeeld ook instellen dat je al bij het bereiken van 75% van de waarde een alarmering ontvangt, zodat de uitvoerenden meteen hun werkzaamheden kunnen aanpassen.

Je kunt vervolgens ook instellen hoe je dat alarm wilt ontvangen. Je geeft een of meerdere e-mailadressen en/of telefoonnummers in waar het systeem de waarschuwing naartoe moet sturen. Daarnaast kun je een lijst maken met mensen die geïnformeerd moeten worden. Je kunt zelfs per afzonderlijk individu instellen bij welke meetwaardes die specifieke persoon een waarschuwing ontvangt. Zo alarmeer je bijvoorbeeld bij 75% van de waarde de uitvoerenden en kun je bij een daadwerkelijke overschrijding de opdrachtgevers inlichten.

De SWARM instellen

Vervolgens ga je de SWARM instellen. Dat doe je voor de volgende facetten:

  • Het verzendinterval. Hoe vaak stuurt de SWARM zijn meetinformatie naar Honeycomb toe? Hoe vaker de trillingsmeter dat doet, hoe sneller de batterij uiteraard ook leeg raakt. Ongeacht je instellingen maakt de SWARM sowieso ieder uur contact met Honeycomb om te kijken of er nieuwe instellingen zijn en of er iets gewijzigd moet worden met betrekking tot het doorsturen van gegevens.
  • De tijdzone. Het Omnidots-systeem wordt namelijk wereldwijd gebruikt.
  • De richtlijn volgens welke je wilt meten. Het mooie is dat de instellingen zich ook aanpassen aan je keuze, waardoor je niet een hele hoop informatie en opties te zien krijgt die voor een bepaalde richtlijn niet van belang zijn. Bij het meten voor personen in gebouwen krijg je bijvoorbeeld de variabelen ‘wonen’ en ‘omstandigheden’ te zien. Daarnaast kun je instellen of je een bestaande, nieuwe of gewijzigde situatie meet.
  • De trace-instellingen. Die laten de detailwaarden van je meting zien.
  • Moet er nog iets voor of na de trillingen worden gemeten? Het is gebruikelijk om zowel voor als na de trilling enkele seconden door te meten.
  • Het tijdstip. Meet ik alleen overdag, alleen ’s nachts of de hele dag door?

Meetpunten aanmaken

De volgende stap is het aanmaken van een of meerdere meetpunten. Geef je meetpunten een naam, bijvoorbeeld (een variant op) de locaties/adressen waar je meet. Heb je in het verleden al eens een locatienaam ingetypt? Dan laat het systeem die suggestie meteen zien.

Werk je met meerdere meetpunten die betrekking hebben op verschillende gebouwfuncties (denk aan wonen bij meetpunt één en kantoor en onderwijs bij meetpunt twee)? Dan kun je per meetpunt je standaardinstellingen overrulen en ze aanpassen aan de situatie en gebouwfunctie. Een extra handigheidje van het systeem: het is onmogelijk om een sensor te koppelen die al verbonden is aan een ander meetpunt.

Na het instellen van je SWARM en het aanmaken van je meetpunten, kun je in Honeycomb zien of je meetproject online is en meetprojecten en -systemen sorteren. In een grafiek kun je het verloop van je meting volgen en je meetwaarden (periodes, gemiddelden) aflezen en analyseren. Onder de grafiek verschijnt ook gelijk een beoordeling. Drie keer per dag krijg je een regeltje dat laat zien wat de maximale en gemiddelde meetwaarden in drie richtingen (X, Y en Z) zijn. Je ziet dus gelijk of de waardes wel of niet voldoen aan de richtlijn. De overzichtspagina toont bovendien ook de tijdstippen waarop gemeten is, de waardes, de status van je batterij en de personen die meetdata ontvangen.

Meer informatie

Wil je meer weten over de technische kant van trillingsmetingen? En wil je graag kennismaken met het geïntegreerde meetsysteem van Omnidots? Neem dan gerust contact met ons op voor meer informatie.

Contact

Neem contact op